de wadden.. houden wat we hadden!
waddenmanifest zet je zeiltje bij op de boot video organisaties
   

[vervolg]

 

De Waddenzee is volop onderwerp van discussie. Kunnen we veilig boren naar gas, of moeten we dat juist laten? Is de kokkelvisserij schadelijk of niet? Kan de haven van Harlingen worden uitgebreid, of is die al meer dan groot genoeg? Bij al die discussies is één vraag onbeantwoord gebleven. Wat willen we nu eigenlijk met het Wad – is het een wildernis, of blijft het een wingewest? Het is de hoogste tijd om echt te kiezen: maak van de Waddenzee een Nationale Wildernis!

Er is geen natuurgebied in Nederland waarover zoveel rapporten zijn volgeschreven als de Waddenzee. Helaas gaan vrijwel al die rapporten over hetzelfde onderwerp: de bedreiging van het Wad door de mens. Zo zijn er dikke rapporten over de desastreuze gevolgen van de kokkelvisserij voor de voedselvoorraad van de kanoetstrandloper, de scholekster en de eidereend. Andere rapporten moeten weer bewijzen dat die vogels het weliswaar zwaar te verduren hebben, maar dat dit toch echt niet de schuld is van de kokkelvissers. Zo zijn er ook rapporten die aantonen dat gaswinning in de Waddenzee grote risico’s met zich meebrengt en rapporten die dat in alle toonaarden bestrijden. Rapporten die ‘bewijzen’ dat er best nog wat meer economische activiteit in Harlingen kan komen en rapporten die ‘aantonen’ dat dat echt niet meer kan.
De oorzaak van al die verwarring is eigenlijk verrassend eenvoudig. De Waddenzee is zo’n complex ecosysteem dat voor elke bevinding van wetenschapper X wel een conclusie van onderzoeker Y te vinden is die het tegendeel suggereert. Niet omdat die wetenschappers niet deugen, maar omdat hun uitspraken per definitie slechts betrekking hebben op één klein stukje van de gigantische puzzel die de Waddenzee nu eenmaal is. Juist die complexiteit maakt van de Waddenzee zo’n uniek en belangrijk gebied.
Dat de Waddenzee van onschatbare waarde is, wordt door niemand bestreden. Onschatbaar van waarde als voedselbron voor miljoenen trekvogels en als kraamkamer voor tientallen vissoorten. Daarom is de Waddenzee ook op de lijst van internationaal belangrijke wetlands geplaatst en heeft Nederland zich verplicht hem te beschermen. Zo betwist ook niemand de waarde van het gebied als een van de weinige plekken in ons land waar een mens nog tot rust kan komen – ook die waarde is vastgelegd in beschermende maatregelen.

Dat het geruzie over de Waddenzee toch maar niet verstomt, heeft alles te maken met de veronderstelde economische waarde ervan. De Nederlandse kokkelvissers halen jaarlijks voor 50 miljoen gulden aan schelpdieren uit de Waddenzee. En volgens de Nederlandse Aardolie Maatschappij is de aangetoonde voorraad gas in het gebied
40 miljard m3. Winning daarvan zou de schatkist ongeveer 4 miljard gulden opleveren. Dat zijn op het eerste gezicht indrukwekkende cijfers.

In werkelijkheid gaat het slechts om een minieme bijdrage aan onze nationale welvaart. Winning van het Waddengas zou slechts goed zijn voor de Nederlandse gasbehoefte van pakweg vijf jaar. Met andere woorden: als we dat gas laten zitten, moeten we vijf jaar eerder overstappen op duurzame energiebronnen, dan wanneer we het uit de grond halen. En als je de opbrengst voor de Staat omrekent, zou elke Nederlander er gedurende vijf jaar één gulden per week rijker van worden als het gas wordt gewonnen.
De waarde van de kokkelvisserij is nog geringer: de hele branche biedt slechts werk aan 160 mensen, en omgerekend worden we er allemaal twee cent per week armer van als de kokkels niet meer zouden worden geoogst en er dus geen belasting over de winst meer binnenkomt.
Als we afzien van winning van gas en kokkels scheelt dat dus gedurende een jaar of vijf per Nederlander één gulden en twéé centen per week. Niet direct een bedrag dat een rechtvaardiging vormt om de laatste Nederlandse wildernis om te ploegen! Soortgelijke berekeningen zijn los te laten op alle vormen van economische exploitatie van de Waddenzee, en steeds zijn de uitkomsten hetzelfde: de geldelijke waarde van het gebied weegt bij lange na niet op tegen de enorme natuur- en recreatiewaarde.
Wat ligt er dus meer voor de hand dan met z’n allen af te zien van verdere economische exploitatie van de Waddenzee? Als we zelfs in het schatrijke Nederland zo’n uniek natuurgebied niet met rust kunnen laten, hoe kunnen we dan van Derde-Wereldlanden verwachten dat zij wél hun bossen, koraalriffen en moerassen sparen? Al die onderzoekers die zich nu noodgedwongen bezighouden met de gevolgen van de economische activiteiten op en rond de Waddenzee, zouden zich eindelijk kunnen gaan wijden aan het onderzoeken van de natuur in zijn wilde, ongerepte staat.

En minstens zo belangrijk: de vrienden van de Waddenzee, of zij nu werkzaam zijn bij de Waddenvereniging, bij Greenpeace, of bij een van de vele andere organisaties die zich het lot van de dit prachtige natuurgebied aantrekken, hoeven dan hun tijd niet meer te besteden aan de strijd tegen nieuwe bedreigingen. Zij zouden eindelijk kunnen gaan doen waar het hun altijd om begonnen is: zich inspannen voor het herstel van de Waddenzee, voor beëindiging van de militaire oefeningen in het gebied en voor ecologisch verantwoorde inpassing van het toerisme, zodat mens en natuur elkaar aanvullen in plaats van bedreigen.
Laat ons er voor zorgen dat we straks weer hebben wat we hadden: een unieke wildernis van internationale betekenis – en van onschatbare waarde voor de mensen die nu leven en vooral ook voor ons nageslacht.

De Wadden… houden wat we hadden!